Nieuws ADHD op vijf plekken in de hersenen zichtbaar

16 februari 2017

Bij mensen met ADHD zijn vijf hersengebieden kleiner dan bij mensen zonder ADHD. De verschillen zijn het duidelijkst bij kinderen en minder groot bij volwassenen. Dit blijkt uit de grootste neuro-imaging studie tot nu toe bij mensen met ADHD. De gevonden verschillen kunnen de vertraagde hersenontwikkeling verklaren die karakteristiek is voor deze aandachtsstoornis. Het onderzoek is uitgevoerd onder leiding van Barbara Franke van het Radboudumc en op 16 februari gepubliceerd in Lancet Psychiatry.

ADHD wordt gekenmerkt door symptomen van aandachtstekort, impulsiviteit en hyperactiviteit. Een op de twintig kinderen heeft hier last van en tweederde daarvan houdt symptomen in hun volwassen leven. Eerder hersenonderzoek liet vaak tegenstrijdige verschillen zien in de hersenen binnen de groep van mensen met ADHD, waarschijnlijk door het gebruik van verschillende onderzoeksmethoden en een te kleine onderzoekspopulatie. De meest duidelijke afwijking zagen wetenschappers in de basale ganglia, het gedeelte van het brein dat betrokken is bij emotiecontrole en cognitie.

Vijf gebieden

Binnen het internationale ENIGMA-ADHD consortium werden de gegevens van 23 eerdere studies naar de volumes van zeven hersengebieden opnieuw geanalyseerd. Hieruit bleek dat het totale hersenvolume kleiner was bij mensen met ADHD, in vergelijking met proefpersonen zonder ADHD. Specifiek waren de volumes van de amygdala en de hippocampus kleiner. Ook waren drie onderdelen van de basale ganglia-onderdelen verkleind. De verschillen waren het beste zichtbaar in kinderen en minder duidelijk in volwassenen. De onderzoekers veronderstellen daarom dat de vertraging in de ontwikkeling van het brein karakteristiek is voor ADHD.

Emoties

Het grootse verschil werd gevonden voor de amygdala. Dit hersengebied is waarschijnlijk gekoppeld aan ADHD door de rol die dit hersengebied speelt bij emotieregulatie. De kleinere gebieden in de basale ganglia kunnen bijvoorbeeld verklaren waarom mensen met ADHD liever snel een kleine beloning krijgen in plaats van een uitgestelde grote beloning. De rol van de hippocampus is minder duidelijk, maar mogelijk heeft dit ook met motivatie en emotieregulatie te maken. Daarnaast lieten de resultaten zien dat medicatie wel symptomen onderdrukt, maar geen effect heeft op de hersenvolumes van mensen met ADHD.

Geen label

“De hersenverschillen zijn zeer klein, ongeveer enkele procenten kleiner. Deze konden alleen gevonden worden doordat we een hele grote onderzoekspopulatie hadden. Internationaal samenwerken is dus een absolute must”, zegt onderzoeker Martine Hoogman van het Radboudumc en eerste auteur van de publicatie, “Vergelijkbare verschillen in grootte zijn ook gevonden in andere psychiatrische aandoening zoals depressie.” Zij hoopt dat de resultaten meer begrip opleveren over ADHD en bepaalde stigma’s kunnen ontkrachten, zoals het idee dat ADHD komt door een slechte opvoeding, of alleen maar een label is voor moeilijke kinderen.

Hersenen en genetica

De ENIGMA studie is het grootste onderzoek tot nu toe naar hersenvolumes in mensen met ADHD. In totaal zijn de hersenbeelden vergeleken van 1.713 mensen met ADHD en 1.529 mensen zonder ADHD, in de leeftijd van 4 tot 63 jaar. Ook keken de onderzoekers naar het effect van leeftijd, geslacht, medicatiegebruik en andere psychiatrische aandoeningen. ENIGMA heeft als doel om grote groepen mensen te vergelijken op het niveau van de hersenen en de genetica. Vergelijkbaar onderzoek is uitgevoerd voor schizofrenie, depressie, obsessief compulsieve stoornis en bipolaire stoornis.

Meer nieuws

  • Medewerkers
  • Intranet